Nieuwsbrief-december2018

Nieuwsbrief december 2018

11 december 2018

1. Langs de lat: Kids4Twente dag
Kijken als een kind!

Op 14 december 2018 is het zo ver, de Kids4Twente dag is een feit. Er komen circa 250 kinderen samen op de Technology Base Twente (voorheen Vliegveld Twente) om hun ideeën te presenteren rondom het thema circulaire economie voor de ‘Agenda van Twente’. Met dit initiatief van de Stichting Consent, Techniekpact Twente, Regio Twente en de Betekeniseconomie Twente (waarvan ondergetekende medeoprichter is), dagen we volwassenen uit te kijken als een kind!

We leven niet zozeer in een tijdperk van verandering, wel in een verandering van tijdperk (vrij naar Jan Rotmans). In deze transitie zie ik mensen en organisaties houvast ontlenen aan oude principes, veelal gebaseerd op het industriële tijdperk.

We zijn doorgeslagen in ogenschijnlijke volwassenheid

Mensen hebben angst het oude los te laten, om vervolgens het onbekende nieuwe ‘frank en vrij’ tegemoet te treden. Ik zie organisaties vastgeroest in oude patronen, die zich IQ gedreven (winst, macht) opstellen en relaties (EQ) en spiritualiteit (SQ) uit het oog zijn verloren. Of in mijn woorden: ze zijn doorgeslagen in ogenschijnlijke volwassenheid. Ik gun organisaties de onbevangenheid en creativiteit van kinderen om zo hedendaagse vraagstukken met een open blik tegemoet te treden. Alleen dan zijn we in staat om de uitdagingen van deze tijd het hoofd te bieden. Niet voor niets worden ‘Probleem oplossen’ en ‘Creatief denken’ als belangrijke 21e eeuwse vaardigheden gezien.

Kijken als een kind, met de realiteitszin van vandaag

Dit heeft het risico in zich dat organisaties fotorolletjes blijven verkopen, nu de digitale camera al lang is uitgevonden en we voornamelijk foto’s maken met behulp van onze mobiele telefoon. In deze tijden van transitie is het voor organisaties van belang leiderschap te tonen, zich kwetsbaar op te stellen en op zoek te gaan naar belemmeringen die oude patronen in stand laten, zoals: “Zo deden we dit hier altijd!”. Hoog tijd dus om (weer) als een kind kijken naar de toekomst met de realiteitszin van vandaag.

Wilt u ook naar de Kids4Twente dag?

Wilt u de Kids4Twente dag van nabij meemaken dan bestaat hiervoor de mogelijkheid. Voor meer informatie kunt u doorklikken op de uitnodiging, waarin tevens de link staat naar de aanmeldpagina.

Natuurlijk is Mark de Lat, partner en senior organisatieadviseurs bij Eshuis Accountants en Adviseurs, bereid om u meer te vertellen over bovengenoemd initiatief en over zijn rol binnen de Betekeniseconomie Twente. Hiertoe kunt u hem via 088 – 500 95 85 bereiken.


2. Kunt u gemaakte opleidingskosten terugvorderen van uw medewerker?

Sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid schrijft de wet voor dat u als werkgever uw medewerkers in staat stelt scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van de functie. Zowel u als de medewerker profiteren van deze scholing; de medewerker ontwikkelt zich in zijn functie, waar uw organisatie baat bij heeft. U kunt de medewerker tot scholing aanmoedigen door bijvoorbeeld (een deel van) de opleidingskosten te vergoeden.

Echter, een vergoeding van opleidingskosten kan een risicovolle investering zijn. Uw medewerker kan immers zijn arbeidsovereenkomst opzeggen en vervolgens zijn opgedane kennis bij een nieuwe werkgever inzetten. Om te voorkomen dat u met de gemaakte opleidingskosten blijft zitten, doet u er verstandig aan om voorafgaand aan het volgen van de opleiding een regeling te treffen waarbij u afspreekt dat de medewerker (een deel van) de opleidingskosten aan u moet terugbetalen als de arbeidsovereenkomst tijdens of kort na de opleiding eindigt.

Voorwaarden opleidingskostenregeling

Om te zorgen dat u een beroep kunt doen op de opleidingskostenregeling, moet deze wel aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • De opleidingskostenregeling moet schriftelijk zijn overeengekomen;
  • In de regeling dient de periode te worden vermeld waarin de werkgever geacht wordt baat te hebben bij de door de opleiding opgedane kennis en vaardigheden;
  • De regeling moet expliciet vermelden dat de medewerker verplicht is de opleidingskosten terug te betalen indien de arbeidsovereenkomst eindigt tijdens de opleiding of gedurende een bepaalde periode na de opleiding;
  • De terugbetalingsverplichting dient een glijdende schaal te bevatten. Oftewel, de hoogte van het terug te betalen bedrag vermindert naarmate de arbeidsovereenkomst langer voortduurt;
  • Bijzondere wettelijke regels kunnen grenzen stellen aan de opleidingskostenregeling, zoals de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.

Het is bovendien heel belangrijk dat de regeling helder is en dat de medewerker zich voldoende realiseert welke verplichting hij aangaat. U moet dus duidelijk omschrijven welke kosten de medewerker onder welke omstandigheden moet terugbetalen.

Oók indien de opleidingskostenregeling aan voornoemde voorwaarden voldoet, kan een rechter oordelen dat de regeling onredelijk is voor de medewerker en de terugbetalingsplicht matigen of teniet doen. Zorgvuldigheid is dus per individuele situatie geboden.

Tot slot

Rechters kijken erg kritisch naar de formulering van een opleidingskostenregeling. Om niet voor ongewenste verrassingen te komen te staan, is het dus van belang zorgvuldig naar de formulering van uw opleidingskostenregeling te kijken.

Heeft u vragen over de door u gehanteerde opleidingskostenregeling? Of gaat uw medewerker binnenkort een cursus of opleiding volgen en wenst u hiervoor een opleidingskostenregeling te treffen? Wij helpen u graag verder! Neem gerust eens contact op met Mirjam Struijk-Doornweerd, jurist arbeidsrecht.

088-5009586


3. Hoeveel bedraagt in 2019 de bijtelling voor mijn auto?

In 2019 gaat de bijtelling voor de duurdere elektrische auto veranderen. Maar ook voor alle auto’s, elektrisch en niet-elektrisch, die in 2014 voor het eerst op kenteken zijn gezet. Wat betekent dit voor u?

Tesla-taks
De bijtelling voor de volledig elektrische auto blijft volgend jaar 4%, maar alleen voor het deel van de catalogusprijs tot € 50.000. Voor een duurdere elektrische auto betaalt u over het meerdere 22%.
In de volksmond de ‘Tesla-taks’.

Voorbeeld:
Elektrische auto met catalogusprijs € 110.000
Bijtelling 2018: € 110.000 x 4% = € 4.400
Bijtelling 2019: € 50.000 x 4% + € 60.000 x 22% = € 2.000 + € 13.200 = € 15.200
Verschil € 15.200 -/- € 4.400 = € 10.800

Let op!
De bijtelling voor een auto staat vanaf de kentekenregistratie in beginsel vast voor de maand van aanschaf + 60 volle maanden.

In 2019 zijn de bijtellingspercentages niet anders dan in 2018. De bijtelling voor een nieuwe auto, dus ook voor een elektrische auto, staat in beginsel totdat 60 volle maanden zijn verstreken. Een elektrische auto die u nog in 2018 aanschaft, houdt de lage bijtelling van 4% nog 60 volle maanden.

Gevolgen voor auto’s uit 2014
Dit betekent dat auto’s die in 2014 voor het eerst op kenteken zijn gezet, in de loop van 2019 met een nieuwe bijtelling te maken krijgen (als de kentekenregistratie pas in december 2014 plaatsvond, is dit pas per 1 januari 2020). Uitgangspunt bij auto’s die vóór 2017 op kenteken zijn gezet, is een bijtellingspercentage van 25. De wetgeving in 2019 kent een korting van 18% voor elektrische auto’s. Vanaf 2019 wordt dit dus (25% minus 18%) 7%, tot een cataloguswaarde van € 50.000. Over het meerdere betaalt u 25% en dus niet 22%.

Voor niet-elektrische auto’s die in 2014 voor het eerst op kenteken zijn gezet, bedraagt de bijtelling sinds 2014 – afhankelijk van de CO2-uitstoot – 14%, 20% of 25%. Dit wordt vanaf 2019 in alle gevallen 25%, zodra de periode van 60 volle maanden is verstreken.


4. Wat betekent het Brexit-akkoord voor uw bedrijf?

De Britse premier Theresa May heeft de stemming in het Lagerhuis over het Brexit-akkoord tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie uitgesteld. Het is nog niet duidelijk wanneer de stemming dan nu plaatsvindt.

Wij geven u hier wel de voor Nederlandse bedrijven belangrijkste punten uit het Brexit-akkoord zoals deze vooralsnog op de plank ligt.

1. Voorlopig geen extra handelstarieven
Het VK blijft na het officiële vertrek uit de EU op 29 maart 2019 voorlopig in de interne markt. Deze transitieperiode duurt tot eind 2020. Voorlopig komen er dus geen extra handelstarieven. Het VK en de EU onderhandelen in de transitieperiode over nieuwe handelsafspraken. Komen ze er niet op tijd uit, dan kan de transitieperiode eenmalig met nog eens maximaal twee jaar worden verlengd.

2. EU-regels volgen, minder controles
De EU wil ‘onnodige’ handelsbelemmeringen wegnemen, maar dat hangt af van de bereidheid van de Britten om zich te houden aan de regels van de EU. Hoe meer regels het VK volgt, hoe minder checks en controles er aan de grens nodig zijn. Hoe hecht de handelsrelatie tussen de EU en het VK wordt, is dus nog niet duidelijk. De Britse politiek zal zich ook hierover nog moeten uitspreken.

3. Visserij komt later
In het uittredingsakkoord is opgenomen dat tijdens de transitieperiode tot eind 2020 voor de visserij alles bij het oude blijft. Dit betekent dat Europese vissers in die periode mogen vissen in de Britse wateren. Hoe de visserij in Britse wateren eruit zal zien na 2020, zal worden uitonderhandeld tijdens de transitieperiode.

4. Geen belemmeringen werknemers
Voor mensen uit de EU die nu in het VK werken, verandert er niets. Dit geldt ook voor Britten die in de EU werkzaam zijn.

Hoe nu verder?
Als het Britse Lagerhuis instemt met het conceptakkoord, dan beginnen de dag na het vertrek van de Britten op 29 maart de onderhandelingen over de toekomstige relatie tussen de EU en het VK. Als er een parlementair ‘No’ komt, dan is er geen akkoord en vertrekt het VK zonder afspraken uit de EU.

Tip:
Door het uitstel van de stemming blijft er veel onzeker en een harde Brexit is nog niet van de baan. Bereid u dus voor en kijk welke gevolgen dat voor u kan hebben, bijvoorbeeld met de Brexit Impact Scan of via www.hulpbijbrexit.nl.


5. Overgangsmaatregel fiscale eenheid vervalt, actie nodig?

In oktober 2017 werd de spoedreparatie van de fiscale eenheid vennootschapsbelasting aangekondigd. Toen het wetsvoorstel openbaar werd in juni 2018, bleek er een overgangsmaatregel voor het mkb opgenomen.

Waar gaat het over?
De spoedreparatiewetgeving bewerkstelligt dat voor een aantal regelingen in de Wet Vpb de fiscale eenheid geacht wordt niet te bestaan, oftewel moet worden ‘weggedacht’. Deze aanpassing is in de ogen van de wetgever noodzakelijk, omdat de regels van de fiscale eenheid op elementen strijdig zijn met het Europees recht. De fiscale eenheid kan in binnenlandse situaties namelijk bepaalde nadelige regels uit de Wet Vpb 1969 omzeilen. Die mogelijkheid bestaat niet met een buitenlandse dochter en daarom is er sprake van ongeoorloofde discriminatie. Die discriminatie wordt weggenomen door de fiscale eenheid uit te schakelen voor bepaalde andere regels uit de wet.

‘Besmette transactie’
Dit geldt onder andere voor de anti-winstdrainageregels van artikel 10a Wet Vpb 1969. Dit artikel regelt dat de rente die is verschuldigd aan een verbonden lichaam voor een lening die is aangegaan voor een zogenaamde ‘besmette transactie’, in beginsel niet aftrekbaar is.

‘Besmette transacties’ zijn:

  • het schuldig blijven van dividend of terugbetaling van kapitaal;
  • het verwerven of uitbreiden van een belang in een verbonden lichaam;
  • het storten van kapitaal in een verbonden lichaam.

Alleen indien de zakelijkheid van de transactie en de geldlening kan worden aangetoond of indien bij de geldverstrekker een redelijke vennootschapsbelasting wordt geheven over de renteopbrengst, is de rente toch aftrekbaar.

Spoedreparatie en anti-winstdrainage
Met de spoedreparatiewetgeving zorgt de wetgever ervoor dat voor de toepassing van artikel 10a de fiscale eenheid moet worden weggedacht, zodat een binnenlandse en buitenlandse situatie weer op dezelfde manier worden behandeld.

Overgangsmaatregel
Zoals gezegd, is er een overgangsmaatregel in de spoedreparatiewetgeving die is bedoeld om het mkb enigszins te ontzien. De overgangsmaatregel zorgt ervoor dat dergelijke rente toch aftrekbaar is indien:

  • die wordt betaald voor een lening die reeds bestond op 25 oktober 2017, en
  • het totaal aan dergelijke rentelasten niet meer bedraagt dan € 100.000 per jaar.

Deze overgangsmaatregel komt te vervallen op 1 januari 2019. Ook in het mkb werkt de spoedreparatiewetgeving vanaf 2019 dus in volle omvang.

Let op!
Het is belangrijk om voor het einde van het jaar naar een oplossing toe te werken. Het hangt sterk van de feiten en omstandigheden van uw situatie af op welke wijze dit kan worden opgelost. Omdat het ingewikkelde problematiek betreft, adviseren wij u graag hierbij.


6. Zakelijk schenken

In privé kunt u aan algemeen nut beogende instellingen, ANBI’s, belastingvrij schenkingen doen. Het bedrag kunt u aftrekken als gift in de aangifte inkomstenbelasting. Maar u kunt ook als bedrijf schenken, bijvoorbeeld vanuit de bv. In sommige gevallen kan dat aantrekkelijker zijn.

Schenken vanuit privé
Voor de aftrek van giften in de inkomstenbelasting geldt een drempel van 1% van het verzamelinkomen. Daarnaast geldt een maximaal bedrag aan aftrekbare giften van 10% van het verzamelinkomen.

Giften door bv
Giften door de bv kun je op twee manieren typeren. Giften met een zakelijk karakter en giften uit vrijgevigheid, zonder zakelijk karakter.

Giften met een zakelijk karakter kunnen tot de bedrijfskosten worden gerekend indien ze een direct bedrijfsbelang beogen. De giften kunnen worden onderscheiden in:

  • uitgaven voor reclame (bijvoorbeeld sponsoring van een sportvereniging);
  • giften waaraan de onderneming zich niet kan onttrekken gezien haar grootte en standing (bijvoorbeeld gift aan het restauratiefonds van een kerk);
  • giften gedaan aan doelen waarbij de schenker belang heeft (bijvoorbeeld een instelling die het algemeen lichamelijk belang en geestelijk welzijn van werknemers nastreeft).

Giften zonder zakelijk karakter zijn gelijk te stellen aan uitgaven uit vrijgevigheid waar niet een directe tegenprestatie tegenover staat. Bijvoorbeeld de contributie van het Nederlandse Rode Kruis.

Let op!
Voor giften met een zakelijk karakter is er geen maximum gesteld. Voor giften uit vrijgevigheid wel.

Er mag in de vennootschapsbelasting tot 50% van de winst aan giften worden afgetrokken met een maximum van € 100.000. De giftenaftrek wordt verhoogd met 50% van het bedrag van de giften die zijn gedaan aan culturele instellingen, met een maximum van € 2.500.

Als u bijvoorbeeld € 5.000 schenkt aan een culturele ANBI, dan mag u uiteindelijk € 7.500 aftrekken!

Schenken in de toekomst
Volgens de belastingplannen van de komende jaren zal de giftenaftrek in de inkomstenbelasting in de toekomst alleen nog maar kunnen plaatsvinden tegen maximaal het tarief van 37,05%. Hierdoor zal het eerder voordelig worden giften door de bv te laten doen.


7. Mijn Belastingdienst Zakelijk: nieuw portaal voor ondernemers

Op 3 januari 2019 start de Belastingdienst een nieuw portaal, Mijn Belastingdienst Zakelijk. Zzp’ers en eenmanszaken kunnen dit portaal gebruiken voor het doen van hun btw-aangifte en het corrigeren ervan. Ook kunnen zij er terecht voor de opgaaf intracommunautaire prestaties. Dit betreft de aangifte van producten en diensten die zijn geleverd aan klanten die in andere EU-landen btw-aangifte moeten doen. Tevens kan via het portaal het rekeningnummer worden gewijzigd.

In de loop van 2019 worden meerdere functies aan het portaal toegevoegd. Mijn Belastingdienst Zakelijk kan dan gebruikt worden voor de aangiften btw, loonheffingen en vennootschapsbelasting. Alle ondernemers krijgen dan toegang tot het portaal.

Het nieuwe portaal heeft een aantal voordelen. Zo werkt het beter op smartphones en tablets. Aangiftes kunnen ook tussendoor worden opgeslagen. Eenmaal ingediende aangiftes kunt u via het portaal altijd weer inzien.

Inloggen op het nieuwe portaal gaat voor zzp’ers en eenmanszaken via DigiD. Andere ondernemers dienen in te loggen via e-Herkenning. Hieraan zijn kosten verbonden. Er is een zestal aanbieders van e-Herkenning die een verschillend tarief hanteren.


8. Meer belastingvrije vrijwilligersvergoeding

De vergoeding die vrijwilligers belastingvrij mogen ontvangen, gaat per 1 januari 2019 omhoog van
€ 1500 naar € 1700 per jaar. Dit staat in de tweede Nieuwsbrief Loonheffingen 2019.

Wanneer opgeven aan de Belastingdienst?
Als de vergoeding van de werkelijk gemaakte en aangetoonde kosten boven de maximum normbedragen uitkomen, moet u deze opgeven bij de Belastingdienst. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoedingen, dus ook bijvoorbeeld voor reiskostenvergoeding of verstrekte sportkleding. De vergoeding wordt dan echter alleen belast als niet kan worden aangetoond dat de vrijwilliger dit bedrag voor het vrijwilligerswerk heeft uitgegeven.

Vrijwilligersregeling
Op grond van de Vrijwilligersregeling hoeft een ANBI (Algemeen Nut Beogende Instelling) geen loonheffing in te houden op een vergoeding of verstrekking aan een vrijwilliger. Dat geldt ook voor een sportorganisatie en voor een organisatie die geen aangifte vennootschapsbelasting hoeft te doen.

Disclaimer: "Het recht is uitermate gecompliceerd en veranderlijk. Wij kunnen daarom geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor hetgeen men zonder ons persoonlijk advies onderneemt of nalaat naar aanleiding van de inhoud van deze publicatie."